Het lichaam

is niet de plaats

voor genot

maar van ‘t streven naar verbondenheid[1]

Verbondenheid van oog met oog

van lip met lip

van hand met hand

het omvormen van sensaties

tot inzicht

De ogen bereiken, al ziende,

het verbinden

De oren, zelfs als ze horen,

de stilte

De handen blijven, ook opgewonden,

in rust

De adem, rusteloos,

is beheerst

De harteklop, hoewel verward,

onaangedaan

Ook ‘praatziek’ ervaart het lichaam

Stilte [2]

Het lichaam is niet

de plaats voor genot

maar oefengrond

voor verbondenheid

In het lichaam

komt de zon op

In het lichaam

komt de maan op [3]

In het lichaam

bloeit en rijpt

de schepping van de natuur

met zijn eigen vorm, kleur

sap en geur

zodat de ervaringsvreugde

van de aarde

het lichaam naderend,

verbindingsvreugde wordt

Het lichaam is niet

de plaats voor genot

het is de plaats van het streven

naar verbondenheid

 

[1] Yoga betekent letterlijk ‘verbinding’. Het woord ‘yoga’ wordt in het bijzonder gebruikt voor de verbinding in evenwicht –en de oefeningen die daartoe leiden- van lichaam en geest. Het Nederlandse woord ‘juk’ stamt van het Sanskriet ‘yoga’ af: ook het juk verbindt in evenwicht.

[2] In de HIndoeistische filosofie is een stil, bewegingloos ‘zijn’ de grond van alle dingen.

[3] O.a. in de tantristische traditie (ong. 10e eeuw AD...) een traditie die filosofische inzichten naar het lichaam haalt; in het lichaam ervaart, wordt gesproken over de zon en de maan in het lichaam. Deze bevinden zich links en rechts van de ruggengraat en moeten volgens de literatuur meestal vermeden worden: schipper stuur recht vooruit, volg langs de ruggengraat, het spirituele kanaal omhoog, van het lichamelijk naar het geestelijke’